Wat zeggen gemeenten en organisaties over het wetsvoorstel Reikwijdte Jeugdwet?

Wat zeggen gemeenten en organisaties over het wetsvoorstel Reikwijdte Jeugdwet?

Het conceptwetsvoorstel Reikwijdte Jeugdwet heeft geleid tot veel reacties vanuit gemeenten, brancheorganisaties, professionals en belangenorganisaties. Tijdens de internetconsultatie konden partijen reageren op de voorgestelde wijzigingen in de Jeugdwet.

Inmiddels ontstaat een duidelijker beeld van de belangrijkste zorgen, aandachtspunten en discussiepunten rondom het wetsvoorstel. In dit artikel zetten we de belangrijkste reacties op een rij.

 

Waarom roept het wetsvoorstel zoveel reacties op?

Het wetsvoorstel raakt direct aan de organisatie van de toegang tot jeugdhulp. Gemeenten, lokale teams, aanbieders en verwijzers krijgen te maken met explicietere afwegingskaders, een grotere rol voor lokale teams en meer nadruk op sturing aan de voorkant van het stelsel.

Daarnaast raakt het voorstel aan fundamentele vragen, zoals:

  • wanneer professionele jeugdhulp nodig is
  • hoeveel ruimte professionals houden in hun beoordeling
  • hoe de toegang tot specialistische hulp georganiseerd wordt
  • welke rol gemeenten en lokale teams krijgen.

 

Daardoor heeft het wetsvoorstel geleid tot reacties vanuit verschillende delen van het sociaal domein.

 

Wat zegt de VNG over het wetsvoorstel?

De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) stelt in haar consultatiereactie dat de huidige situatie in de jeugdhulp “onhoudbaar” is, zowel maatschappelijk als financieel. Tegelijkertijd concludeert de VNG dat het wetsvoorstel volgens haar onvoldoende bijdraagt aan de transformatie en beheersbaarheid van het jeugdstelsel.

De VNG vat haar reactie samen in drie hoofdpunten:

  1. Zolang de onderliggende oorzaken van het oplopende jeugdhulpgebruik niet worden aangepakt, heeft aanpassing van de Jeugdwet volgens de VNG slechts beperkt effect.
  2. Volgens de VNG leidt het wetsvoorstel niet tot meer grip op de inzet en kosten van jeugdhulp, omdat de jeugdhulpplicht onvoldoende wordt afgebakend en bestaande knelpunten in het stelsel niet worden opgelost. De beoogde besparing noemt de VNG daarbij “volstrekt onrealistisch”.
  3. Daarnaast stelt de VNG dat het wetsvoorstel verplichtingen introduceert die volgens haar onduidelijk, onnodig en op onderdelen contraproductief zijn, met name voor lokale teams.

 

De VNG concludeert dat een fundamentele aanpassing van het wetsvoorstel nodig is en roept het rijk op om eerst samenhangende keuzes te maken over onder meer het juridisch kader, financiering, toegang en kwaliteit voordat het wetsvoorstel verder in procedure wordt gebracht richting Raad van State en Tweede Kamer.

 

Wat zeggen organisaties rondom lokale teams en uitvoering?

Ook organisaties die betrokken zijn bij de uitvoering van jeugdhulp hebben gereageerd op het wetsvoorstel.

De Associatie Wijkteams spreekt in haar reactie van “ernstige bezwaren” tegen het wetsvoorstel. Daarbij wijst de organisatie onder meer op risico’s voor de uitvoerbaarheid, betaalbaarheid en de rol van lokale teams.

Het Nederlands Jeugdinstituut (NJi) stelt in zijn reactie dat wetgeving alleen niet bepaalt welke hulp uiteindelijk passend is voor gezinnen. Daarnaast benadrukt het NJi het belang van professionele ruimte en maatwerk binnen de uitvoering van jeugdhulp.

 

Wat zeggen aanbieders en brancheorganisaties?

Ook vanuit aanbieders en brancheorganisaties zijn uitgebreide reacties gepubliceerd op het wetsvoorstel.

De gezamenlijke reactie van de Branches Gespecialiseerde Zorg voor Jeugd (BGZJ), bestaande uit onder meer Jeugdzorg Nederland, Nederlandse ggz en Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland, is kritisch op het wetsvoorstel. De organisaties stellen dat het voorstel onvoldoende bijdraagt aan de toegankelijkheid van jeugdhulp voor kinderen en gezinnen die deze het hardst nodig hebben.

In de inleidende samenvatting benoemt de BGZJ onder meer de volgende aandachtspunten:

  • het wetsvoorstel bakent onvoldoende af wat onder basis-, aanvullende en specialistische jeugdhulp valt, waardoor volgens de organisaties onduidelijkheid blijft bestaan
  • de rechtspositie van kinderen en gezinnen wordt volgens de organisaties onvoldoende geborgd, omdat gemeentelijke beleidsvrijheid groot blijft en landelijke basisnormen ontbreken
  • het risico op extra administratieve lasten en verschillen tussen gemeenten blijft volgens de BGZJ bestaan
  • het wetsvoorstel bevordert volgens de organisaties onvoldoende domeinoverstijgende samenwerking tussen onder meer jeugdhulp, onderwijs, zorg en bestaanszekerheid
  • volgens de BGZJ blijft onduidelijk wanneer een lokaal team daadwerkelijk als ‘stevig’ kan worden beschouwd en welke minimale kwaliteitseisen daarbij horen

 

Daarnaast stelt de BGZJ dat het wetsvoorstel onvoldoende handvatten biedt om onderwijs en zorg eenvoudiger en meer integraal te organiseren.

Ook het G40 Stedennetwerk onderschrijft de ambitie om het jeugdstelsel te verbeteren, maar plaatst kanttekeningen bij de mate waarin het wetsvoorstel volgens hen daadwerkelijk zal bijdragen aan de gewenste transformatie en beheersbaarheid van het stelsel.

 

Medische verwijzers kritisch over beperking medisch verwijsrecht

Een belangrijk discussiepunt in het wetsvoorstel is de rol van medische verwijzers, zoals huisartsen, jeugdartsen en medisch specialisten. In het wetsvoorstel krijgt het lokale team een grotere rol bij de toegang tot jeugdhulp. In een latere fase van het voorstel wordt zelfs toegewerkt naar een situatie waarin medische verwijzers uitsluitend naar het lokale team verwijzen voor onderzoek naar passende hulp.

Verschillende medische beroepsorganisaties, waaronder de Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV), Koninklijke Nederlandsche Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst (KNMG) en de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie, hebben hierover zorgen geuit. Zij wijzen onder meer op mogelijke gevolgen voor de toegankelijkheid, snelheid en continuïteit van specialistische hulp.

Het medisch verwijsrecht lijkt daarmee één van de onderwerpen te worden waar in de verdere behandeling van het wetsvoorstel nog veel discussie over zal ontstaan.

 

Welke rode draad is zichtbaar in de reacties?

Hoewel organisaties vanuit verschillende perspectieven reageren, zijn er duidelijke overeenkomsten zichtbaar in de consultatiereacties.

Vrijwel alle partijen erkennen dat het huidige jeugdstelsel onder druk staat en dat verandering nodig is. Tegelijkertijd plaatsen veel organisaties vraagtekens bij de mate waarin het wetsvoorstel daadwerkelijk bijdraagt aan meer beheersbaarheid van het stelsel en minder druk op de jeugdhulp.

In meerdere reacties komt terug dat het wetsvoorstel volgens organisaties:

  • onvoldoende duidelijk afbakent wanneer specialistische jeugdhulp wel of niet aan de orde is
  • veel ruimte laat voor interpretatie door gemeenten en professionals
  • extra verantwoordelijkheden neerlegt bij lokale teams
  • leidt tot zorgen over uitvoerbaarheid, capaciteit en administratieve belasting.

Daarnaast komt in verschillende reacties de spanning terug tussen enerzijds meer sturing en explicietere regels vanuit wetgeving en anderzijds de behoefte aan professionele ruimte en maatwerk in de uitvoering.

Ook de organisatie van de toegang tot specialistische hulp en de rol van medische verwijzers lijken belangrijke discussiepunten te worden in de verdere behandeling van het wetsvoorstel.

 

Tot slot

De reacties laten zien dat er brede overeenstemming bestaat over de noodzaak om het jeugdstelsel te verbeteren en de druk op de jeugdhulp terug te dringen. Tegelijkertijd plaatsen veel organisaties vraagtekens bij de vraag of het wetsvoorstel Reikwijdte Jeugdwet daarvoor voldoende oplossing biedt.

Met name de uitvoerbaarheid, de rol van lokale teams, de ruimte voor professionele afwegingen en de afbakening van specialistische jeugdhulp komen in veel reacties terug. Daarnaast lijkt ook de positie van medische verwijzers een belangrijk discussiepunt te worden in de verdere behandeling van het wetsvoorstel.

De komende periode zal moeten blijken in hoeverre deze reacties leiden tot aanpassingen in het wetsvoorstel voordat het verder de wetgevingsprocedure ingaat.

 

Meer weten?

TransitiePartners helpt gemeenten onder meer met de inrichting en ontwikkeling van stevige lokale teams en het grip te krijgen op jeugdhulp. Neem vrijblijvend contact met ons op voor de mogelijkheden.

Meer artikelen.